“Cosa Rosa”

“Cosa Rosa”.

(Heemkundekring Rosmalen/Ons Rosmalen)

Door: Ronald van Grinsven & Antoinette van Grinsven – Raijmakers

Een foto en zijn verhaal….

Toen ik deze foto tegenkwam in een familie album, dacht ik; “wie zijn dit, waar is dit?” Hoe komt het zo op het oog lijkende “maffioso” foto bij ons in het album terecht. Ik zat me al een hele verbeelding te maken van de man met het geweer, en zijn trawanten. Maar schijn bedriegt, navraag bij mijn nichtje gaf toch een andere kijk op de foto….

We gaan ergens terug rond 1910-1914, ver van huis richting Amerika. Little Chute om precies te zijn. Een plaats in de staat Wisconsin waar vele Brabanders naar toetrokken om te gaan werken. Ook twee broers uit ons durpke gingen daar werken. Bert en Em van Creij. Na de oversteek over de oceaan, die destijds nog wel ff duurde, Kwamen ze terecht in Little Chute. De broers kwamen net terug in ons durpke voordat de eerste wereld oorlog uitbrak. Hun harde werken in het verre Amerika, had geloond. De “Creijen” die destijds als gezin woonde, waar nu ongeveer Jan van Hassel zit. Ze kochten stukken land aan in de Striensestraat, met het zuur verdiende geld uit dat verre oord. Er verscheen een boerderij waar in de vader en moeder van Bert en Em en de rest van gezin gingen wonen. Het duurde niet lang of meerdere kinderen uit het gezin stichten daar hun eigen boerderij of woning. Het stuk bebouwde land nu heet dan ook voor niks “D’n Creijenhoek”.

Em stichtte met een deel van zijn verdiende geld, een winkel in de Dorpsstraat. Met een soort concept dat hij in Amerika had gezien. De eerste winkel werd ergens rond 1932 vervangen door een pand die nog jaren lang fier overeind stond en een bekend beeld was bij de Rosmalenaren. De winkel staat het meest bekend als de Sparwinkel. Later zat in het pand nog het “Meubeltje” en de Shoeby shop. Het geheel is onlangs gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw.

Een foto met een verhaal, twee avonturiers die gingen werken. Om brood op te plank te krijgen voor het gehele gezin. Het geld wat ze verdiende, feitelijk weer terug brachten naar ons durpke, en het daar “investeerde”. Het dorp mede uitbouwend net als zovele Rosmalenaren. Door hard te werken op het ellendige land, of ergens in verre oorden hun geluk gingen beproeven om voor “thuis” te zorgen.

Tja… Ik noem ze maar de “Cosa Rosa” met een knipoog. Gezien de stoere foto waar Bert van Creij opstaat midden tussen vermoedelijk meerdere Brabanders die daar werkte in Little Chute. Bert staat als een soort “maffiosi” met een geweer in zijn hand. Als je de achtergrond niet weet van de foto. Zou je zo kunnen denken dat het een “godfather” was. Kijkend van “niemand doet me wat”. Bert en Em die indirect toch zorgde dat mijn woonplaats dit “durpke” zou worden. Mijn oma kreeg mede dankzij hen, een boerderij naast die van haar ouders. Mijn vader is er geboren… en stichtte hier ook zijn gezin. Je mag dankbaar zijn dat mensen uit het verleden, toch hebben “mee gebouwd” voor onze toekomst. Ook al zie je dat niet direct maar het is er wel, niet zichtbaar of tastbaar. Het is een gevoel dat soms in je kruipt. Als ik in de “Creijenhoek” ben, maak ik nog steeds een voorstelling van hoe het ooit zou zijn geweest. In het windgeruis kun je dan vaag de stemmen uit het verleden horen. Die schijnen te zeggen;  “wees zuinig op ons mooi “durpke”…….

Geef een antwoord